Babyuitzet

Het voelt nog als de dag van gisteren, maar inmiddels is het zeker anderhalf jaar geleden. Ik corrigeer mezelf, onze dochter is inmiddels ruim anderhalf, dus de tijd dat ik begon met het bij elkaar scharrelen van de babyuitzet is al zeker 2 jaar geleden. Lekker cliché: wat gaat het hard. Alweer 2 jaar terug, maar ik weet het nog goed!

Bij de winkel waar we de babykamer kochten, kregen we zo’n handige babyuitzet lijst. Ideaal, dacht ik in eerste instantie. Maar helaas, de uitzetlijst van de winkel waar we andere spullen kochten, was niet hetzelfde. Heel irritant voor de perfectionist die ik ben. En om de chaos in mijn hoofd compleet te maken, kreeg ik van het kraamzorgbureau wéér een andere lijst. Dus… Deze onzekere moeder in spé, zou het allemaal heel graag goed willen doen, maar wat is nou eigenlijk goed?

Struinen…

Daarom struin ik nog wat op internet naar wat andere moeders nou écht af- en aanraden. Zij hebben tenslotte ervaring, denk ik dan. Nou papa’s en mama’s, nu wordt de verwarring pas echt compleet! Hier volgt dan ook een kleine terugblik op de voorbereiding met 10 verschillende uitzetlijsten gecombineerd met mijn actuele, real-life ervaring:

  • Uiteindelijk heb ik 9 maanden borstvoeding gegeven, maar toen mijn oog viel op het woord ‘borst-/zoogcompressen’ had ik werkelijk geen idee van welke onschatbare waarde deze dingen zouden zijn in de maanden die gingen volgen. Oh echt, halleluja, wat fijn dat die dingen bestaan!
  • Kruikenzakken hebben sommige ouders nooit gebruikt. Ik heb gelezen dat het volgens sommigen veel handiger is om de kruiken in een hydrofiel te rollen. Onhandig dat ik blijkbaar ben, begrijp ik niet hoe je zo’n gloeiendheet ding in een doek rolt zonder je handen te verbranden én zonder het angstige gevoel dat hij er misschien wel weer uit rolt. Laat maar, ieder zijn ding, wij gebruikten gewoon die oerdegelijke kruikenzakken. Paar euro per stuk, ben je van al dat geknoei af.
  • De magnetronsterilisator: zeker 3 keer gebruikt, waarvan 1 keer om te kijken hoe hij werkt en 1 keer om ditzelfde aan Lars te laten zien. Simpel uitkoken in een pannetje, ik vond het net zo makkelijk.
  • Campingbedje + matras. En dit terwijl ik net heb gelezen dat je in een campingbedje beter geen extra matras kan leggen i.v.m. verstikkingsgevaar. En nu?
  • Op één van de lijsten staat zowel een buggy als een kinderwagen. Het kan aan mij liggen, maar dat leek me ietwat overbodig. Alsof het geld op mijn rug groeit, doei, dikke streep erdoor.
  • Braaf als ik ben, heb ik de genoemde ‘zinkzalf’ gekocht. Juist. Om er thuis achter te komen dat de welbekende Sudo een merknaam is en ik dus inmiddels een voorraad zinkzalf in huis heb voor 3 kinderen. Gaat gelukkig voorlopig niet over de datum.
  • Volgens de ene lijst moeten 4 rompertjes in de kleinste maatjes genoeg zijn, volgens de ander is 6 een beter idee. Je weet het ook nooit met die spuitluiers: ik neem de middenweg, 5 stuks. Blijkt dat de ene maat 50 net zo groot als een ander merk maat 62. Dat wordt dus nog een ritje dorp…
  • De buikdrager, maar las ik nou net iets over ergonomisch dragen? Je weet wel de kikkerhouding, werkelijk geen idee waar het over ging voordat ik kinderen had. Het is maar een keuze, maar wij kozen voor een draagdoek. Drie dagen later en pas vijf keer in de knoop, ben ik gerust gesteld, internet staat vol met manieren om te knopen en zo moeilijk als het lijkt, is het helemaal niet.
  • Flanellen vs. Hydrofiele luiers. Die flanellen luiers zijn hier nooit uit de verpakking gekomen, eerlijk gezegd heb ik nog steeds geen idee wat je er mee zou moeten. De hydrofiele doeken daarentegen, die dingen zijn hier echt niet aan te slepen. Ze zijn gelukkig te krijgen van maatje washand tot maatje tafelkleed. En nu ik eenmaal moeder ben, vraag ik me af hoe het bestaat dat ik ooit heb kunnen leven zonder die dingen!
  • Een wattenpot. Wat.. Voor watten? Recht uit de verpakking,  werkte voor ons ook prima.

Wat eigenlijk mijn conclusie is, is dat die uitzetlijsten best leuk zijn, maar ook verwarrend. Zeker voor aanstaande ouders, die graag goed voorbereid willen zijn. Laat daar nou nog bij komen, dat het gebruik van producten enorm persoonlijk is. Ik heb het al een beetje door laten schemeren, maar waar de ene zweert bij een buikdrager, vonden wij een draagdoek handiger. Zo ook het uitkoken van je flesjes of het gebruiken van een magnetronsterilisator. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Wat is dus goed en wat niet? Als het krijgen van een klein wondertje voor jullie is weggelegd, zullen jullie het zelf ondervinden. En weet je, alles blijft gewoon te koop, dus maak je niet te druk. Mocht je het te kort komen, kan vast iemand het voor je gaan halen. En een flinke miskoop is tegenwoordig ook zo weer doorverkocht.

Depri-dag

Soms heb je van die dagen. Hoewel, ik hoop voor jullie van niet, dus ik zal het anders verwoorden: Soms heb IK van die dagen. Van die dagen waarop ik het liefst meteen weer terug in bed stap, zodra mijn voeten het laminaat raken. Van die dagen dat alles, maar dan ook echt ALLES, zelfs mijn ogen open houden, mij te veel is. Van die dagen waarop ik een prijs zou kunnen winnen voor de ‘grootste ellendeling van het land’. Je weet wel, of hopelijk voor jou weet je het niet, het is zo’n dag die ik eigenlijk wil overslaan, heel ver weg wil stoppen en er voor wil zorgen dat ie nooit meer terug komt. Zo’n dag waarop ik mij het allerbest voel in bed, met mijn ogen dicht, tot aan mijn schouders onder de dekens en, als ik niet te veeleisend ben, graag zonder kindergegil op de achtergrond.

Vandaag… Was zo’n ‘depri-dag’.

Eerlijk gezegd kan ik me niet herinneren dat ik me vroeger, in mijn tienerjaren, zo ellendig heb gevoeld als ik me nu soms voel. Of het nou komt door de kopzorgen die vele malen groter zijn, door de levenservaring, door mijn verleden of door mijn hormoonhuishouding, ik weet het niet. Maar wat ik wel weet, is dat ik eigenlijk bijna niet kan functioneren op een dag als deze. Ik hoop voor jullie dat jullie jezelf niet herkennen in bovenstaande alinea, want dit was eigenlijk nog maar zachtjes uitgedrukt. Ik lijk wel een zombie en zo voel ik me ook. Bewegen kost veel moeite, laat staan logisch nadenken. Mijn lichaam voelt zwaar, mijn hoofd voelt alsof hij ieder moment kan ontploffen en mijn hersenen zijn qua activiteit vergelijkbaar met een pan kokende spaghetti: alles draait door elkaar heen en er lijkt geen eind aan te komen.

Extreem depri – Extreem vrolijk

Alsof dit voor mezelf al niet ellendig genoeg is, huppelt er hier een extreem vrolijk meisje in de rondte. Het blije ei dat de dag gewoon begint zoals altijd, vol energie en erg blij dus. Die blijdschap werkt aanstekelijk en irriterend tegelijk. Aan de ene kant word ik heel blij van het feit dat haar grootste probleem van vandaag is, dat ze haar rechterschoen niet aan haar linkervoet krijgt. Aan de andere kant kan ik de energie niet vinden om mee te doen met haar blije spelletjes en voel ik me daar weer extra ellendig over. Liever kijk ik urenlang strak voor me uit, naar niks. Inmiddels heb ik helaas de conclusie moeten trekken dat dat vrij lastig gaat met een blije dreumes in huis. Net als gewoon de hele dag slapen, simpelweg de beste oplossing, maar ook zo’n lastig dingetje geworden. Hoewel ik stiekem om 9 uur ’s ochtends al zou willen dat het 12 uur ’s middags was en we allebei terug naar bed konden, heb ik die tijd eigenlijk ook hard nodig om wat nuttige dingen in huis te doen. Haha, normaal misschien, maar niet op zo’n dag als vandaag.

Op zo’n dag als vandaag doe ik he-le-maal niks, behalve de hoognodige zorg voor mijn kind.

Om 8 uur ’s ochtends had ze schone kleding aan en ze krijgt ook geregeld een schone luier. Écht.

Staat ze te gillen: ‘Kóéke’, dan krijgt ze van mij gewoon nog een koekje.

Gooit ze een lege fles tegen mijn hoofd, dan vul ik die fles bij.

Klimt ze over het stuur van haar loopfiets, dan kijk ik en kijk ik en kom ik er achter dat dat eigenlijk prima gaat zonder het ingrijpen van een bemoeizuchtige volwassene.

Speelt ze lekker rustig met haar speelgoed, dan staar ik die zeldzame 5 minuten, doodstil voor me uit.

En wanneer ik het eerste gaapje spot, ergens rond een uur of 12, dan geef ik haar een papfles in plaats van een boterham en sprint ik met haar naar boven. Slaap kindje slaap, daar buiten loopt geen schaap, dat is gelogen, mama wil gewoon slapen. En zo makkelijk als ze is, gaat ze dan net zo blij spelen met haar twee favoriete knuffeltjes en valt vervolgens in slaap.

Als het mee zit, slapen we de hele middag.

Als het tegenzit, doen we de ochtend nog een keer over. En als papa rond 4 uur thuiskomt, zegt één blik hem genoeg.

Laten we deze dag alsjeblieft snel vergeten.

Slaap lekker en tot morgen! Dan doen we alles weer netjes volgens het boekje. Hopelijk met een wat zonniger hoofd.

5 tips om de oplopende druk in ons drukke leven te verlagen

Waar vroeger de taken heel strak verdeeld waren, vergt het ouderschap tegenwoordig veel meer van beide ouders dan alleen het vervullen van de ouderrol. Naast het feit dat beide ouders een verzorgende taak hebben, moeten zij veel meer verschillende ballen in de lucht zien te houden. In de meeste gevallen hebben beide ouders een baan en zullen zij dus ook de taken in het huishouden onderling moeten verdelen. Daarnaast komen er nog meer verwachtingen en verplichtingen om de hoek kijken, zoals mantelzorgtaken, sport, vrienden of andere sociale contacten, hobby’s en als er ergens nog een klein uurtje overblijft, dan kan die best besteed worden als vrijwilliger bij de plaatselijke speeltuin, de school van de kinderen, een zorginstelling of andere vereniging die staat te springen om mensen.

De prestatiedruk op deze generatie lijkt op alle vlakken te groeien en het aantal burn-outs rijst dan ook de pan uit. Op sommige factoren heb je uiteraard geen invloed, maar toch kunnen we hier, met elkaar, best een klein beetje aan veranderen.

Tip 1:
Verlaag je verwachtingspatroon

Niet alleen de maatschappij verwacht een heleboel van ons, ook kunnen we onszelf een hoop irreële eisen opleggen. Soms is het fijn om even te bedenken dat voldoende ook goed is, echt niet alles hoeft perfect te zijn. Misschien helpt het om jezelf soms wat kritische vragen te stellen: ‘Is het nou echt zo erg als de was na het weekend nog niet is opgevouwen?’ (tenzij niemand meer een schone onderbroek in de kast heeft liggen) of ‘Wat is het ergste dat er gebeurt je een keer niet bij de vrijwilligersbijeenkomst bent?’ Echt waar, het is geen wereldramp om een keer niet naar een verjaardag te gaan, om welke reden dan ook. Je bent in principe ook niemand een verantwoording schuldig, een afmelding zou wel aardig zijn.

Tip 2: Kijk voor de grap eens hoe groen je eigen gras is

Op social media plaatsen we de mooiste foto’s van ons gezin, de meest gekke feestjes in combinatie met een fantastisch liefdesleven. Wat (bijna) niemand op social media plaatst, is hoe vol zijn agenda staat met suffe verplichtingen. Hoe uitgeteld iemand ’s avonds naar bed is gegaan, doordat de kinderen niet te genieten waren. Hoe hard iemand gehuild heeft, omdat hij het even niet meer zag zitten. Nee, op social media is het gras altijd groener aan de overkant en laten we ons gras ook allemaal groener lijken dan het werkelijk is. Vergelijk jezelf niet op social media, zorg liever dat je gelukkig bent in de echte wereld.

Tip 3: Nog een stukje social media/telefoongebruik

Je kunt jezelf afvragen of je werkelijk iedere mail of ieder bericht dat binnenkomt direct moet lezen én beantwoorden? Het lezen van dat bericht kan ook als de kinderen op bed liggen en je heerlijk op de bank ploft in plaats van in de supermarkt of nog erger, achter het stuur! Het uitzetten van bepaalde meldingen kan hierbij zorgen voor rust.

Tip 4: Geef opbouwende feedback i.p.v. kritiek

Als iemand zijn problemen bij je uitstort, is een stukje opbouwende feedback natuurlijk nooit weg. Als je worstelt met een probleem kan een goede tip echt goud waard zijn! Daarentegen is het ongevraagd je mening geven over een opvoedkwestie, voor de ontvanger echt niet fijn. Het zorgt waarschijnlijk eerder voor een gevoel van onzekerheid, onmacht of falen met de daarbij behorende, negatieve emotionele lading.

Tip 5: Hulp vragen is geen falen

Of het nu hulp is van je ouders, vrienden of van een professional: Het leven bestaat nou eenmaal uit vallen en opstaan, dat is tenminste wel wat we onze kinderen meegeven. Zelf hulp inschakelen kan moeilijk zijn of voelen als falen, maar niets is minder waar. Op ieder gebied, dus ook in de ouderrol, kun je altijd blijven leren en daar wordt echt niemand slechter van, in tegendeel.

Kortom, laten we met z’n allen niet zo streng zijn, niet voor onszelf en niet voor een ander. Wees vriendelijk, behulpzaam, toon een beetje empathie, maar laat vooral jezelf niet in de steek.

Zonder jou lukt het je zeker niet!

Geschreven in samenwerking met A3 Baby&Kids, LoveToDream https://www.a3babykids.com/mamari/5-tips-om-die-oplopende-druk-in-ons-drukke-leven-te-verlagen/

Onze gecombineerde kermis

Deze week is het weer zo ver! Het is feestweek en vanaf donderdag staat de kermis in het dorp. Tijd voor feestjes, vrienden, hapjes, drankjes en de meest uiteenlopende activiteiten.

Vroeger, en dan bedoel ik voordat ik moeder was, nam ik me jaarlijks voor om het niet weer zo bont te maken als het jaar ervoor.

Vroeger kwam ik er ieder jaar achter dat dat niet gelukt was.

Nu is niets meer wat het is geweest, zo ook de feestweek.

Van dag tot dag…

Aan de donderdag is nog niet zo veel veranderd, in combinatie met het ouderschap. Ieder jaar gaan we vanuit mijn werk op donderdag met bewoners naar de kermis. Om 15:00 uur draaien alle attracties op aangepaste snelheid, met minder harde muziek en mogen alle mindervaliden gratis instappen. Een prachtig initiatief van de Harddraverij vereniging dat ik even genoemd wil hebben. De donderdag van de kermis draait dus jaarlijks om een organisatorisch hoogstandje van het team waar ik mee werk. Na alle voorbereidingen (denk aan het informeren van bewoners en familie, communicatie met verschillende interne en externe disciplines, regelen van personeel en vrijwilligers, etc. etc.) vertrekken wij met een groep van meestal tientallen bewoners, plus dus ook tientallen begeleiders, richting het kermisterrein. Ongeveer een wandeling van, zonder oponthoud, een klein half uur. Van 15:00 tot 16:00 uur verkennen bewoners met hun begeleiders het terrein, rond 16:00 uur vertrekken we huiswaarts, waar nog wat nagepraat kan worden onder het genot van een hapje en een drankje. Wanneer ik na zo’n dag thuis kom, heb ik eigenlijk wel even genoeg kermis gezien en breng ik de donderdagavond door, met de voetjes omhoog, zeer moe maar nog meer voldaan.

Maar vrijdag…

Waar ik  vroeger, zonder kind, deed waar ik zin in had (de voornemens waren goed, maar pakten jaarlijks toch weer averechts uit) komt er nu nog een extra planning kijken bij de feestweek. Een klein meisje entertainen naast een baan waar paarden voorbij scheuren, tussen een menigte mensen die dronken begint te worden, nee… Dus heb ik vroegtijdig oma ingeschakeld, voor de nodige oppasuurtjes op vrijdag. Wat een rijkdom!
(Oma leest dit ook: dankdankdank!)

Maar vrijdag, ja vrijdag is dé dag van de harddraverij.

Half Hillegom neemt hier voor vrij en het is dan ook een drukte van jewelste langs de ‘kortebaan’. De ‘korte baan’ die ik vrij lang vind, het halve dorp is onbereikbaar maar goed, ik heb ook geen verstand van paardenrace, ik ben daar voor de gezelligheid. Zeker dit jaar, wanneer wij met de Carnavalsvereniging, het programma in de pauze zullen verzorgen. Dit kan niet anders dan een hilarische vertoning worden. Misschien komt oma nog wel even kijken met de kleine dame, misschien dat ze er nog iets van mee zullen krijgen, misschien herkennen ze mij wel in de verre verte, maar mijn mamamodus staat op dat moment even op standby als ik samen met mijn Carnavalsvriendjes voor een komische show zorg. Na dit feestje op zich, zijn er nog verschillende feestkeuzes te maken, maar of ik hier nog aan deel zal nemen, valt te betwijfelen. Waar ik hier vroeger niet eens over na hoefde te denken, maak ik nu andere keuzes, in het belang van mijn gezin en gezondheid. Ja gezondheid ja, hallo, ik ben ook geen 20 meer.

Mentale voorbereiding

Uiteraard, moet ik me vrijdagavond ook nog enigszins voorbereiden op de zaterdag. Want op vrijdag is het eind van alle festiviteiten nog lang niet in zicht! Zaterdag in de feestweek, dat betekent: vroeg opstaan. Tonknuppelen begint om 9:15 uur, wie heeft het ooit verzonnen, en als je een mooi plekje wilt bemachtigen met je sta-tafel, dan zul je zeker om 9:00 op het veld moeten staan. Dus… Dat was normaal altijd al een opgave… Nu met een kind, dat ook nog eens graag uitslaapt, wordt dit nóg ingewikkelder. Maar het gaat goedkomen, tonknuppelen, dat mag je gewoon niet missen.

Goedemorgen tonknuppelen!

Het is al een activiteit op zich om iedereen die zichzelf vrijdag dus niet in de hand had, aan te zien komen bij de zaterdagochtendactiviteiten (als ze al komen). Ook is het altijd een leuke gewaarwording om de ene tafel gevuld te zien met thermoskannen koffie en thee met koekjes, met daarnaast een andere tafel met bier, wijn en gefrituurde snacks. Tijdens de feestweek moet dat ook gewoon kunnen om 9:00 uur ’s ochtends….

Even ter aanvullende informatie:
Ik verzorg  dan wel een deel van ‘de biertafel’, ik sta zelf liever bij de koffie.

En zo bij die koffietafel, kan onze dochter met nog meer kleine kindjes heerlijk over het veld rennen waar nog een heel spelcircuit aan de gang is: kruiwagenrace, buikschuiven, kelnerwedstrijd en kleuterzeskamp. Zo’n goed gevulde zaterdagochtend hebben wij niet vaak. Aan de organisatie van de feestweek zal het in dit geval niet liggen.

Fun in ’t park

Vrijwel aansluitend gaan we door naar het park vlak achter ons huis, ideaal dus, ik leg de kleine meid op bed en met een beetje geluk red de babyfoon het gewoon tot aan de overkant van de straat. Je kunt tussen deze activiteiten door precies even een broodje naar binnen schuiven, dat zou kunnen, de meeste tonknuppelaars kiezen waarschijnlijk voor een vette hap, die halen nog wat drankjes bij de supermarkt om de hoek en verhuizen met hun sta-tafels naar het park. Vanuit de Carnavalsvereniging zouden we natuurlijk ook deel kunnen nemen aan de hengelwedstrijd of de autopuzzelrit, maar het park is in ons geval écht een beter alternatief. Fun in ’t park is namelijk een ordinaire baggerrace, waar ook prijzen beschikbaar zijn voor het gekste ‘Fun-team’ en daar houden wij nou juist zo van. Na afloop hiervan hoop ik geen gewonden te hoeven verzorgen, zijn sommigen het goed zat, maar zouden we ook nog deel kunnen nemen aan de jaarlijkse kermisbingo. Veel mensen komen daar niet eens aan, gezien het volle feestprogramma van de voorgaande dagen, andere mensen komen er niet aan omdat ze al doodmoe worden van het burgerlijke bingo-idee. Tot welke groep ik dit jaar behoor, dat zal deze week ons leren. Fijn zou zijn als papa lekker op de bank crasht, graag zonder al die smerige bagger, zodat mama nog even een avondje burgerlijk kan gaan bingoën. We zullen zien waar het zaterdagschip strandt.

Zondag, rustdag…

Door middel van de titel maakte ik al duidelijk dat de kermis, maar dus ook de gehele feestweek, veranderd is. Zondag, rustdag ging voorgaande feestweken prima op. Zondag was namelijk de dag waarop we voorgaande jaren geen stem meer over hadden, voor dood op de bank bleven hangen en doordat we er net zo weinig energie als stem over was, overwogen we of we de afsluitende vuurwerkshow vanuit huis of vanaf het kermisterrein zouden bekijken. Nou dat was dat, dit jaar laten we alle georganiseerde en alle bankhang activiteiten achterwege, zondag gaan wij burgerlijk een dagje met ons meisje naar de kermis. Ik beloof het, we zullen eendjes vangen, touwtje trekken, misschien wel een rondje in de draaimolen en als papa erg zijn best doet, winnen we misschien nog wel ergens een leuke knuffel, daar hebben we er ten slotte nog niet genoeg van. We eten heerlijke, vette oliebollen, breken onze tanden op een zuurstok en na een rondje attracties en 25 keer ‘Hoi’ gezegd te hebben, bereiken wij waarschijnlijk toch onze eigen bank. Zo sluiten we de feestweek dit jaar af, geen keuzestress tussen thuis of op de kermis vuurwerk kijken, om 22:30 uur ligt de kleine dame allang op bed en zijn wij dus gewoon thuis.

Vanuit de tuin kijken we nog naar het vuurwerk, gewoon omdat het erbij hoort en accepteren we onze nieuwe, gecombineerde agenda. Het leven draait niet meer alleen om ons, maar ook niet alleen om ons kleine meisje. Wij combineren het zijn van papa en mama, met het zijn van Lars en Rianne. En ieder zijn mening en ieder zijn ding, daar worden wíj echt leukere ouders van.

September… Ben je er nu alweer?

Ongelooflijk vind ik het, ieder jaar weer. Het ene moment geniet je van het eerste lentezonnetje en voor je het weet, heb je de zomer met volle teugen beleefd en is het alweer september. Op zich kan september nog best wat mooie dagen brengen, toch vind ik september altijd hét einde van, wat mij betreft,  het lekkerste seizoen van het jaar.
En dat is balen.

Dit jaar is de eerste week van september ook meteen een definitieve afsluiting van de zomer. Zo zaten we vorige week nog in onze bikini in het welbekende blauwe/roze zwembadje, zo zitten we deze week met een vest en sokken, van achter het raam, te staren naar een natte tuin. Helaas doel ik dan niet op een natte tuin door alle emmertjes water die onze dame over de rand van het badje heeft gegooid, of van haar lekkende zwemluier die een heel spoor achter laat. Nee, ik zie daar tot mijn grote teleurstelling gewoon een druilerige, natgeregende tuin. Inclusief een natte glijbaan waar zij ongetwijfeld nog een keer of tien vanaf wil vandaag.
Leg dat maar eens uit aan een kind van anderhalf.

Die mooie zomer…

Hoewel ik heus wel weet dat de overige drie seizoenen, naast de overheerlijke, tropische zomer, weer andere charmes hebben, kan ik de zomer toch ieder jaar moeilijk loslaten. Iedereen lijkt in de zomer zoveel vrolijker, je ziet meer mensen op straat, er spelen kinderen en honden in het park, overal zijn leuke evenementen, de gekste festivals en we maken mooie herinneringen tijdens de vakantie en leuke dagjes uit.

Jaarmarkt en feestweek

Zo’n moment dat ik me realiseer dat de zomer echt op zijn eind loopt, is de jaarmarkt hier in het dorp. Altijd eind augustus, het ene jaar is het 30 graden, het andere jaar wordt alles afgelast in verband met hagelbuien en windstoten. Ieder jaar druipt Lars zijn enthousiasme er vanaf (oh wat houdt hij van shoppen!) en ieder jaar is de jaarmarkt, op het weer na dan, precies hetzelfde: we kopen er wat goedkope troep, zeggen 25 keer ‘Hoi’ in een half uur, kijken ook nog 5 keer naar rechts omdat we links geen zin hebben om ‘Hoi’ te zeggen en zijn met een uur weer thuis.
En dan hebben we hier in het dorp half september nog de feestweek, dat is eigenlijk pas écht het einde van de zomer. Het kan nog een dagje enigszins lekker weer zijn, maar over het algemeen wordt onze kermis gekenmerkt door regen. Minstens één dag vol regen. En daar druipt nou ieder jaar míjn enthousiasme vanaf, want oh wat hou ik van die mensenmassa in combinatie met felle, knipperende lichtjes aan alle kanten en harde muziek, waarin ik weer 25 keer ‘Hoi’ zeg, weer 5 keer wegkijk en ook met een uur weer thuis ben. Hoewel…
Voor die vette oliebollen heb ik dit over.

Verzetten heeft geen zin…

Goed, de jaarmarkt is inmiddels achter de rug, de feestweek begint volgende week, het weer is al helemaal in de stemming en ik ben dat helemaal niet. Verzetten heeft geen zin, het is de hoogste tijd om na te gaan denken over uitjes die verwarmd en overdekt zijn, over etentjes in plaats van barbecues, over het aanvragen van vrije dagen in december, over de planning rond de kerstdagen en over het uitzoeken van de kledingkast. Weg met alle rokjes, hemdjes en slippers, welkom lange broeken, thermosokken en lelijke schoenen met (NEP!)bont erin. Deprimerend en tegelijkertijd ook heel leuk, want dit is dan ook hét moment dat ik er achter kom dat ik deze winter echt niet ga overleven met zo weinig warme kleding. Laat staan die kleine meid, haar kast moet niet alleen op seizoen worden uitgezocht, maar ook nog eens op maat. Hier zie ik dan ook één van de weinige pluspunten van september, hoe rot het ook is voor Lars en voor onze rekening: er moet geshopt worden!

Het is niet anders!

September brengt ons dus direct hét moment om, zonder slap excuus, te gaan shoppen. We zullen er ook heus wel een feestje van maken tijdens de feestweek/kermis, maar stiekem wil ik morgen gewoon weer wakker worden in Turkije, heerlijk onder de airco en klaar voor een nieuwe, warme dag met mijn familie, op het strand, aan het zwembad, met veel én lekker eten, de gekste cocktails en leuk entertainment. Helaas zullen we daar nog drie seizoenen op moeten wachten, dus ik verzet mijn balende gedachten en doe mijn best om vol positiviteit uit te gaan kijken naar Sinterklaas en Kerst. Ik maak geen grap, wij zijn al lang begonnen met plannen. Aangezien we ook nog een kinderverjaardag te vieren hebben in die drukke decemberperiode, kunnen we er maar beter vroeg mee beginnen.

Zo zie je maar, ook in de minder leuke seizoenen zijn er leuke dingen om je mee bezig te houden. Dus houd ik me, in deze vervelende septembermaand, gewoon weer vast aan een uitspraak die ik al eerder deed in mijn blog vakantiemodus: ‘We gaan aftellen naar Kerst!’

Tafeletiquette à la All-You-Can-Eat

De laatste jaren is er een hoop veranderd in de maatschappij: social media is onderdeel van de dagelijkse routine geworden, de vrouwenemancipatie lijkt hoogtij te vieren, terwijl roze of blauwe muisjes straks nog verboden worden, omdat alles genderneutraal moet zijn.

Ook begint er steeds meer een taboe te heersen op het eten van vlees. Laat ik voorop stellen dat wij zeker niet volledig vegetarisch eten, maar we proberen hier wel bewuster mee om te gaan dan een jaar of vijf geleden. We doen in ieder geval enigszins ons best…

Totdat we uit eten gaan!

Waar ik in mijn jeugd niet verder kwam dan de plaatselijke Chinees, snackbar of (met hele speciale gelegenheden) een à la carte restaurant, belanden wij nu eens in de zoveel tijd in een hippe sushi tent, tapas bar of een giga-wokrestaurant waar voor je neus voor een heel weeshuis aan vlees wordt weggewokt. Of gegrild, het is maar net waar je zin in hebt. En je verwacht het niet voor die prijs: overal kun je tegenwoordig eten én drinken tot je er bij neervalt en je kind onder de twee eet nog gratis mee ook!

In die hippe sushi tent, waarvan je er momenteel minimaal één in ieder dorp hebt, zit je gewoon nog aan tafel en bestel je je eten dan wel via een formuliertje, dan wel via een tablet. Zo ook de tapas bars, degene die wij bezoeken tenminste. Maaaaaar, zo simpel als het klinkt, zo ingewikkeld kan het zijn! Zoals ik al in eerdere blogs heb beschreven, is onze dochter inmiddels anderhalf, dus nee hoor, in de lokale sushi tent zitten wij helemaal niet ‘gewoon’ een paar uur te tafelen. Onze dreumes houdt het zeker, één broodje, één flesje limo en één uit elkaar gepulkte sushirol, lang uit in de standaard witte kinderstoel die in ieder restaurant opduikt (ook bij ons thuis hoor, niks mis mee). De kinderstoel die soms voorzien is van het bijbehorende blad, maar helaas meestal zonder, waardoor zowel haar eten als drinken al vrij snel op de grond belanden en waardoor de serveerster onbedoeld alle sushi binnen handbereik van ons minimensje op tafel zet. Totaal onmogelijk om rustig te eten, tenzij we haar stoel een meter achteruit schuiven, midden in het pad zetten, de serveersters herhaaldelijk hun nek breken over de uitstekende stoelpoten, de lege fles en al het eten wat meisjelief al op de grond heeft gegooid. Sushi mag dan één van onze liefdes zijn, ik loop er uiteindelijk de deur uit met rauwe vis in mijn decolleté, zeewier in het haar van onze dochter en zo zal Lars na ons etentje, zonder twijfel, ergens op zijn lichaam nog een restantje rijst terugvinden. Maar wat zijn we blij: we hebben gesmuld en ze heeft GOD-ZIJ-DANK de wasabi niet te pakken gekregen.

Een andere, meer kindvriendelijke optie zijn de, als paddenstoelen uit de grond geschoten, All-You-Can-Eat Wokrestaurants.

Voorzien van alle selfservice gemakken en eindeloze keuze zijn deze restaurants meestal compleet uitgerust met een speeltoestel voor kinderen. Je kent ze wel, zo’n All-You-Can-Vreetschuur waar het ernstig warm is, veel te druk en waar we massaal alle aangeleerde tafeletiquette aan onze laars lappen. Al wachtend op een stukje vlees, waarvan je er op zo’n avond veel te veel bestelt, zie ik mensen de rest van hun eten al opeten. Staand aan het buffet… Maar dat is heus nog niks bijzonders. Er lopen mensen van het buffet af, met een veel te vol bord in de hand, die blijkbaar zó hongerig zijn dat ze hun bord al bijna leeg hebben, eer ze terug zijn bij hun tafel. En dan nog niet te spreken over de luidruchtige vriendengroep bestaand uit allemaal max. twintigers met een dienblad vol met bier, terwijl iedereen aan tafel nog bier heeft. Gewoon, omdat het onbeperkt is.

En alsof dat dan allemaal maar normaal is, lopen daar ook nog eens grote aantallen jonge kinderen in de rondte.

Kinderen die niet meer mee krijgen dat ze, zeker in een restaurant, netjes met vork en mes moeten eten, dat is lopend natuurlijk ook niet te doen.

Kinderen die denken dat uit eten gaan, betekent: zonder enig toezicht spelen met wildvreemde kinderen (en daarbij ongegeneerd schreeuwen) in zo’n smoezelig speeltoestel.

Kinderen die het normaal vinden om de kok niet eens aan te kijken, maar toe te schreeuwen dat je ‘KNOFLOOKSAUS!!!’ bij je prakkie wil, terwijl je ondertussen een hapje van iets anders probeert.

En kinderen, die de tijd van hun leven hebben, terwijl hun ouders lekker rustig en onbeperkt zitten te eten.

Welkom new kids en welkom lieve, jonge ouders, dit is het ‘uit eten gaan’ anno 2019. Heerlijk hoor soms, of toch liever niet?

Oppascentrale

Een van de onderwerpen die werd genoemd in mijn brainstormoproep was: ‘Oppascentrale’. Typisch, aangezien degene die dit onderwerp inbracht, één van de meest ervaren, meest gevraagde en meest geliefde oppassen van onze dochter én vogel is. Ja ja, het is mijn moedertje.

Ik hoor mensen denken: van onze vogel? Ja zeker, ook onze vogel houdt er een ware oppascentrale op na. Daarvoor duiken we even een paar jaar terug in de tijd:

De oppascentrale anno ‘toen’

Jaren geleden had ik een heleboel, en dan bedoel ik ook echt een heleboel, vogels. Een stuk of 20, misschien wel 30, die iedere dag de nodige aandacht kregen. Naast hun normale voeding kregen zij dagelijks verse groente en fruit, nieuwe speeltjes en uiteraard de ruimte om wat rondjes te vliegen, daar zijn het tenslotte vogels voor. De jonkies die geboren werden, voedde ik na een tijdje met de hand op tot tamme, schattige en ietwat vreemde vogels. Door niet zulke leuke privé omstandigheden, heb ik nu slechts nog één tamme, schattige en vreemde vogel, maar in combinatie met de zorg voor mijn gezin is dit beter te behappen dan de 20 tot 30 vogelkindjes van toen.

Lekker zorgen…

Ik durf over mezelf te zeggen dat ik bekend sta als een zorgzaam mens. Ik bekommer me graag om mijn medemens en dier en vergeet daarbij geregeld aan mezelf te denken. Deze eigenschap heb ik niet van een vreemde. Al voordat onze dochter geboren was, was de rol van vogeloma en -oppas mijn moeder op het lijf geschreven. Nog altijd wanneer wij op vakantie gaan, of gewoon een dagje weg, neemt mijn moeder de zorg voor ons gevleugelde kindje op zich. Ja, je leest het goed, ook als wij een dagje weg gaan. Niemand, geen mens, hond, kat en ook geen tamme vogel, vindt het leuk om de hele dag alleen te zijn en daar zijn mijn moeder en ik het dan ook unaniem over eens. Zeker niet als je gewend bent om de hele dag, letterlijk, zo vrij als een vogel te zijn. En dat is onze Party vrijwel altijd. Zodra we thuis zijn gaat de, veel te grote, kooi open en is zij vrij om te gaan waar ze wil. Die te grote kooi is gewoon omdat wij vinden dat een vogel moet kunnen bewegen, ook in zijn of haar kooi. Maar het kan altijd beter, dus hebben we een compleet kozijn vervangen en daar een volière aan geplaatst, zodat ons gevleugelde kindje heerlijk het huis in een uit kan vliegen. Noem het gek, overdreven, idioot of bizar. Onze mening is: Je kiest voor een dier of je doet het niet.

Goed, ik dwaal af…

Mijn moeder koos niet voor dit dier, maar neemt haar oppastaken dus altijd al erg serieus. Ik ben dan ook totaal niet verbaasd dat zij het onderwerp ‘Oppascentrale’ in heeft gebracht. Dat vind ik leuk en lief, maar ook een beetje grappig. Grappig omdat ik deze blog dus eigenlijk totaal aan haar zou kunnen wijden, maar daarmee zou ik onze andere superoppassen te kort doen en dat wil ik niet. De oppascentrale anno 2019 draait tegenwoordig niet alleen meer om onze vogel, maar grotendeels om de opvang van onze dochter.

De oppascentrale anno ‘nu’

Gelukkig hebben wij de luxe dat we beide minder konden gaan werken vanaf de geboorte van onze dochter, om zo samen het grootste deel van de zorg voor ons mooie meisje zelf te dragen. Oh ja, daar ga je financieel op achteruit, behoorlijk, maar de afweging tussen prachtige tijd met onze dochter of meer financiële ruimte, was voor ons snel gemaakt. Nogmaals gelukkig, we hebben ook nog de luxe dat onze gezamenlijke werkdagen worden opgevangen door de oma’s. Maar ondanks al dat geluk, hebben we alsnog zeer geregeld ‘extra’ oppas nodig. En zoals bij velen, draait onze oppascentrale dus wekelijks op volle toeren!

Onze agenda puilt werkelijk altijd uit van de afspraken. Naast al die wisselende afspraken moet er zo nu en dan gewoon gewerkt worden, hebben we regelmatig een verjaardag of een etentje, willen we soms nog wat tijd voor onszelf of voor ons samen vrij houden én om enigszins te blijven functioneren, moet er tussen de bedrijven door ook wel eens geslapen worden. Ik vraag me écht geregeld af hoe andere mensen dat doen, zonder in de verplichtingen te verdrinken of er een eeuwig schuldgevoel aan over te houden. Een schuldgevoel tegenover je kind, tegenover degene die je nu wéér vraagt om op te passen of tegenover degene die je af zegt, omdat je geen oppas hebt of wilt zoeken. Ik kom er eerlijk voor uit: ik vind het pittig en ik heb me daar enorm in vergist.

Voordat onze dochter geboren werd, had ik dit echt nooit gedacht.

Het leek me niet meer dan vanzelfsprekend dat je soms je kind naar de oppas, opvang, opa, oma of waar dan ook heen brengt. Dat hieraan zo’n organisatie en schuldgevoel kon hangen, daar had ik echt nooit bij stil gestaan. Zoals ik al schreef, hebben wij de luxe dat onze mama’s een vaste oppasdag hebben op onze gezamenlijke werkdagen. Maar ja, soms komen er nu eenmaal wel eens vergaderingen of cursussen voorbij die net op een andere dag vallen. Of komt het voor dat onze mama’s zelf een afspraak hebben op ‘hun oppasdag’. Zo moet ik dan ons oppasrooster opnieuw rond zien te krijgen en stuur ik, aan het einde van een drukke dag, één voor één onze ‘vaste’ oppassen een berichtje of zij toevallig iets voor ons kunnen betekenen. Het blijft toch jammer dat die mensen ook gewoon een eigen leven hebben… Zo gaat er soms een paar uur voorbij, waarin ik zit te puzzelen met uren, personen en afspraken. Een soort Mikado: Als je het ene stokje verplaatst, kan het andere stokje misschien wel vrij komen. Uiteindelijk komt het altijd goed, dat weet ik ook wel, en zoals jullie hopelijk inmiddels wel weten, houd ik ervan om alles een beetje te dramatiseren. Maar echt, eerlijk is eerlijk, ik vind het elke keer weer een hele opgave om aan alle vragen en verplichtingen te voldoen, hier oppas omheen te regelen en daarbij dan ook nog niemand te kort te doen of te overvragen.

Daarom wil ik nu alle (werkende) ouders een groot compliment geven voor het combineren van alle taken die anno 2019 van je verwacht worden. Hoe je het ook doet, je doet het wel en je doet het goed!

Ook zeker niet te vergeten alle oppascentrales, gastouders, juffies in de kinderopvang of oppas in welke zin dan ook: jullie zijn van onschatbare waarde!

Maar sorry voor jullie allemaal, uiteindelijk is de allergrootste ode in deze blog aan onze eigen oppascentrale:

Lieve opa’s, oma’s, vriendjes en vriendinnetjes die iedere week weer klaar staan om op een van onze meisjes te passen: Jullie zijn geweldig! Zonder jullie zouden we het allemaal niet voor elkaar krijgen. Onze dank is dan ook niet in een ‘Oppascentrale’blog uit te drukken, daarom moet ik als afsluiting gezegd hebben:

Bedankt helden, dat jullie altijd voor ons klaar staan!